Kortjakje glipte deze week opvallend stilletjes de redactie binnen. Haar wekelijkse boodschappenrondje bleek namelijk een lichte bron van schaamte te zijn geworden. Waar ze normaal gesproken vrolijk kletst over de aanbiedingen en praatjes maakt met de caissière, bekende ze nu dat ze de straatkrantverkoper bij de plaatselijke supermarkt weleens vakkundig ontwijkt. Alles voor het behoud van haar heilige comfort.
De veranderde vissers
De spreekster nam ons zondag mee in Handelingen 4, waar Petrus en Johannes voor het Sanhedrin moesten verschijnen. Dat waren precies dezelfde geestelijke leiders voor wie ze een paar weken eerder nog in paniek waren gevlucht. Maar in plaats van bange, ongeleerde vissers, stonden daar ineens vrijmoedige mannen. Ze spraken zó intelligent en anders, dat de leiders zich compleet verbaasd realiseerden dat deze ‘gewone’ gasten van de straat in Jezus zijn nabijheid waren geweest. Het was de komst van de Heilige Geest die hen compleet had veranderd.
Geen gebed voor comfort
Wat ik zo bijzonder vind, is wat de discipelen deden nadat ze waren weggestuurd. Ze renden terug naar diezelfde bovenkamer waar ze een paar weken eerder uit angst naartoe waren gevlucht. Ze baden níét of God de leiders tot inkeer wilde brengen of dat Hij de weg makkelijker voor hen kon maken. Ze baden al helemaal niet om een comfortabel leven zonder gevangenisstraffen.
In plaats daarvan beseften ze dat álle weerstand onder de majesteit van God valt. Ze baden heel afhankelijk: “Welnu Heer, sla ook nu acht op hun dreigementen en stel ons uw dienaren in staat om vrijmoedig uw boodschap te verkondigen.” Ze zochten de oplossing niet in zichzelf, maar baden in eenheid.
(Dis)comfort
De spreekster stelde de vraag hoe wij tegenwoordig weerstand ervaren. Misschien is onze grootste weghouder bij God wel ons eigen geliefde comfort.
Gewone mensen, indrukwekkende God
Het verkondigen van Zijn woord gaat niet over indrukwekkende mensen, maar over héél afhankelijke mensen die een indrukwekkende God dienen. We mogen onszelf, met al onze onzekerheden, voor Hem neerleggen en er een dagelijkse levenshouding van maken om te bidden: “Heer, stel mij in staat”. Wacht niet tot je geloof groot genoeg voelt, maar durf je afhankelijk van Hem op te stellen. Zelfs, of misschien wel juist, als dat betekent dat je uit je comfortzone moet stappen voor de schuifdeuren van de supermarkt.
Blessings,
Kortjakje