Twee voor de prijs van één

Het was deze week even zweten voor Kortjakje. Niet alleen omdat het écht warm is (mocht u het nog niet weten…). Nee, Kortjakje dacht dat ze een tropenrooster had! Geen blog deze week! Daar was de redactie het niet mee eens. Er moest gewoon een blog komen deze week. Dubbel zweten dus.

Twee preken in één?!

Geen drie-punten-preek, maar gewoon 2 preken in één! Ik had het al aardig warm van deze tropische temperaturen, maar toen de spreker dat zei, kreeg ik het benauwd. Gelukkig viel het mee. De “twee preken” sloegen op de twee hoofdlijnen van zijn preek. De preek ging over de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan, te lezen in Lucas 10:25-37. De spreker trok een “horizontale lijn” van de gelovige naar zijn/haar naaste en een “verticale lijn” van God naar de gelovige.

Wie is mijn naaste?

De horizontale lijn, die van de gelovige naar zijn/haar naaste, is gebaseerd op de vraag van de wetgeleerde aan Jezus. Deze wetgeleerde vraagt namelijk in de gelijkenis uit Lucas 10: “Wie is mijn naaste?”. Volgens de spreker draait Jezus de normen en waarden van destijds compleet om. Hij vraagt ons niet te debatteren over wie onze naaste is. Met de gelijkenis wil Jezus duidelijk maken dat we een naaste moeten worden. Juist voor dié mensen die op ons pad geplaatst worden. Zoals de Samaritaan een naaste werd voor de man van een ander volk. In plaats van er te zijn voor mensen in zijn eigen bubbel, werd de Samaritaan een naaste, juist voor degene met wie hij volgens de normen en waarden niet zou mogen praten. Laat staan helpen en verzorgen! Een naaste is niet (alleen) je lieve broeder of zuster uit de gemeente, maar die vervelende collega, die zomaar “op je pad” komt!

Wie en waar ben ik?

De tweede lijn, de verticale lijn, heeft de spreker gebaseerd op een theologische overdenking van de kerkvader Augustinus. Die man die daar halfdood in de greppel ligt nadat hij door rovers is overvallen? Dat zijn wij.  Jeruzalem is de stad van God, maar door onze zonde dalen we af naar Jericho, de laagst bewoonbare plek op aarde, de stad van het oordeel. Onderweg worden we door de boze geplunderd en achtergelaten. De vrome priester en de Leviet dalen ook af van de berg. Via diezelfde weg. Ze kijken wel, of komen soms zelfs heel dichtbij, maar lopen uiteindelijk voorbij. Religie is niet datgene wat de arme, verwonde man redt.

Gelukkig is daar Jezus, onze Samaritaan! Hij is de enige die niet afdaalt, maar op reis is om ons op te zoeken in onze greppel. Hij giet wijn (Zijn vergoten bloed) en olie (de Heilige Geest) in onze wonden. Vervolgens tilt Hij ons op Zijn eigen rijdier, als onze Drager, en brengt ons naar de herberg, de gemeente. De kerk is geen plek voor perfecte heiligen, maar een ziekenhuis voor geredde zondaren waar we voor elkaar mogen zorgen.

Het herstel van het doopbad

Zondag werd een broeder gedoopt, wat een feest! De doop is een prachtig beeld van de aflegging van het oude leven, in de greppel. Maar, daarna ook het opstaan uit het watergraf, het nieuwe leven dat Jezus ons biedt! De doop is geen eindstation waar je ineens ‘perfect’ uit het water stapt, maar een inschrijving in de herberg waar we samen mogen herstellen en groeien.

Een onderdompeling zou nu best aangenaam zijn. Helaas heb ik geen (doop)bad in mijn tuin. Hou u taai en tot zondag!

Blessings,
Kortjakje